Motorische ontwikkeling

Wiebelkussens, study buddies, koptelefoons….Loop een willekeurige klas in en je ziet een hoop hulpmiddelen. Hoe was dit vroeger? Hadden de kinderen dit niet nodig? Was er toen ook veel onrust in de klassen? In de periode dat ik voor de klas heb gestaan, van 2000 tot 2021, heb ik dit zien veranderen. Collega’s die al veel langer voor de klas staan, ervaren nog een veel groter verschil. Waar ligt dit aan? De afgelopen jaren heb ik mij verdiept in de motorische ontwikkeling, de werking van het brein, schoolrijpheid, visuele problemen en de werking van reflexen. Het is opvallend om te zien dat kinderen met leer- en gedragsproblemen vaak ook niet goed motorisch ontwikkeld zijn. Vanuit de literatuur, observaties in de onderbouw, ervaringen van ouders en gesprekken met deskundigen is duidelijk dat er meer aandacht voor de motorische ontwikkeling moet komen.

 

De motorische ontwikkeling wordt wel meegenomen in de observatiesystemen. Toen ik lesgaf bij de kleuters en mijn observatielijsten moest invullen, vinkte ik het vakje 'de leerling kan huppelen' altijd aan… of niet… Maar ik had geen idee waarom dit zo belangrijk is.... Huppelen zorgt ervoor dat de linker- en rechterhersenhelft gaan samenwerken. Je hebt beide hersenhelften nodig om goed te kunnen lezen en rekenen. Het observeren van de motorische ontwikkeling, én het plegen van de juiste interventies is dus één van de belangrijkste onderdelen om de kinderen een goede basis mee te geven. 

 

Omdat er nog maar weinig kennis is over dit onderwerp heb ik een teamtraining ontwikkeld. Op de pagina 'Huppelend naar groep 3' is meer informatie te vinden over de teamtraining. Kijk op de pagina's onder het kopje 'Motorsiche ontwikkeling' voor meer informatie over aspecten die van belang zijn om kinderen huppelend naar groep 3 te krijgen. Deze aspecten komen allemaal terug in de teamtraining.